Politieagenten zijn net leraren

Hoe vaak heeft een docent geroepen: “Ik ben toch geen politieagent?!”. Nou eigenlijk wel dus. Want leraren en politieagenten zijn hetzelfde.

Ze zijn allemaal streng en macht stijgt veel te snel naar hun hoofd. Ze schreeuwen altijd als ze hun zin niet krijgen – en weten dat ze verdedigd worden – en kunnen altijd maar doen wat ze willen zonder gestraft te worden.

Als ze je mogen zijn ze altijd aardig, en als ze je niet mogen ben je altijd de sjaak. Het zijn altijd de buitenlanders – want blanke kinderen en blanke mensen doen niks –  en nog voor het schooljaar begonnen is (of het nieuwe jaar, wat je ook maar wilt) hebben ze al een hekel aan iedereen met een niet-Nederlandse naam. En ze moeten altijd nét die ene persoon hebben.

Politieagenten zijn lui: ze geven altijd boetes om hun vakantiegeld bij elkaar te sparen. Leraren zijn ook lui: ze doen niks. Nakijken duurt altijd zo lang, wat doen die mensen buiten school? Oh, en ze gaan allebei te ver. Als het fout gaat. En het op internet staat.

Politieagenten en leraren zijn dus net hetzelfde. Ze moeten beiden moeilijke keuzes maken: iets doen en de anderen beschermen of niets doen en het dit keer laten gaan. De leerling die pest in de kraag pakken en laten zien dat hij helemaal niet zo stoer is (en dan het risico lopen dat je morgen op Facebook staat en je baan verliest) of niets doen.

En dan toch maar ingrijpen. Toch maar dat besluit nemen en na twee tellen al spijt hebben. Want je hebt een verkeerde inschatting gemaakt. Zo erg werd de jongen niet gepest – het was alleen maar een woordenwisseling – en zo erg was het gevecht niet – het was waarschijnlijk maar geouwehoer. Verkeerde beslissing, en nu: gevolgen voor mij en alle andere collega’s in Nederland. Racist.

No “good” in goodbye.

“Where’s the “good” in “goodbye”?
Where’s the “nice” in “nice try”?
Where’s the “us” in “trust gone”?
Where’s the “soul” in “soldier on”?
Now I’m the “lone” in “lonely”
‘Cause I don’t own you only
I can take this mistake
But I can’t take the ache from heartbreak
No, I can’t take the ache from heartbreak

Read more: Script – No Good In Goodbye Lyrics | MetroLyrics


The Script heeft in oktober een lied uitgebracht genaamd “no good in goodbye”. Op zich een grappige tekst, maar nog grappiger omdat het een voor taalkundigen interessante vraag stelt: waarom zit er ‘good’ in goodbye?

Als je de tekst van het liedje hoort, kan je stellen dat ze eerder doelen op een semantische betekenis van ‘good’ en het afscheid nemen van iemand als gevolg van het uit elkaar gaan. Toch kunnen we kijken naar waar het vandaan komt en waarom ‘good’ dan in goodbye zit.

We beginnen onze zoektocht in hét woordenboek der Engelse taal namelijk Google Translate The Oxford English Dictionary. Daar vinden we niet alleen de betekenis van het woord, maar ook wanneer het voor het eerst is opgeschreven. In de betekenis van het afscheid nemen zien we de eerste referentie in een late vorm van Middel Engels, haast tegen Vroeg Modern Engels aan. In 1575 schreef G. Harvey (Gabriel) al in zijn Letter-book:

“To requite your gallonde of godbwyes, I regive you a pottle of howedyes”

Nou ken ik het boek niet, en kan ik niet weten of het in vers geschreven is, maar je kan wel zien dat er wel een vorm van rijm ontstaat (yes – yes).

Daarnaast valt nog iets op: good is geschreven met 1 o in plaats van het gebruikelijke 2. Dit is natuurlijk voor een reden. Hier kom ik later op terug.

Vervolgens kijken we naar een quote uit J. Taylor’s Great Eater of Kent:

“His courtesie is manifest; for he had rather haue one farewell than 20 Godbwyes”

(let op dat haue hier have is, omdat in vroegere teksten de v en u op een andere manier werd gebruikt) We zien in deze zin dat het zelfs met een hoofdletter geschreven is. In latere teksten verschuift het van godbwyes naar good-bye en uiteindelijk good bye. Wij zijn het uiteindelijk weer gaan schrijven als goodbye; iets wat pas in de 20e eeuw weer terug komt.

Het woordenboek zegt verder dat goodbye niet komt van een combinatie van goed en doei (goeddoei), maar eerder van een verkorte versie van “God be with you”. Het gebruik van “God be with you” bij het vertrek van iemand zal dan wel iets zijn wat al langere tijd gebruikelijk is, en wat in de Middeleeuwen (rond 1300) ook is opgeschreven in een tekst van William I naar onder andere AEdelmaer in de Oud Engelse vorm: “God be mid ihu”. Het woordenboek zegt ook dat “God be with (of mid) you” traditioneel gebruikt werd als een “expression of good wishes on parting”.

God is dus uiteindelijk vervangen door ‘good’, om beter aan te sluiten bij andere groeten zoals good day, goodnight,

Dus, als antwoord op  The Script:
There is no good in goodbye, simply because it didn’t came from good, but from God.

Dus, de volgende keer als je het uitmaakt met je vriendin/vriend zeg je niet ‘goodbye’ maar zeg je ‘God be with you on your new journey without me’.

bron: OED, Third Edition, December 2014. Through the University of Groningen library website.

Link naar het liedje: https://www.youtube.com/watch?v=ho9xM9n2USA

Welkom, onderwijs 3.0 (of 10).

Toen ik in november naar College Tour met Bill Gates ging, was mijn vraag: “Hoe ziet u het onderwijs over 4 jaar?” Met Bill Gates zijn interesse in onderwijs en de jeugd in gedachte, leek dit mij wel een goede vraag. Helaas kwam ik niet aan de beurt en moesten we het doen met oninteressante cliché vragen over Apple en hun producten.

Toch denk ik dat Gates, ondanks dat hij (dan wel niet full-time) bij Microsoft werkt en Technology Advisor is voor de nieuwe CEO, niet had geantwoord: “Wacht maar tot 21 januari 2015. Windows 10.”, want ik denk dat wat gisteravond is gepresenteerd veel meer voor het onderwijs kan betekenen dan dat Microsoft heeft laten doorschijnen.

Want wat is het grote probleem met het onderwijs op dit moment (afgezien van verhoogde normen, dure leenstelsels en leerlingen die zich misdragen)? Inderdaad, we hangen tussen het digibord en een boek in. Aan de ene kant heb je scholen die pronken met iPad onderwijs. Aan de andere kant heb je mensen die beweren (en ik hoor daarbij) dat je boeken en de pen nooit moet vervangen voor een digitaal tablet. Aan jou de keuze: wat vind jij?

Zo’n 8 jaar geleden kreeg mijn middelbare school zijn eerste digibord. Een aardrijkskunde leraar mocht toen een digibord uitproberen in zijn lessen, en hij heeft het toch wel goed kunnen gebruiken. Maar, je kon niet én een pen én de wisser pakken, want dan werkte het niet. Je kon ook niet op het bord schrijven zonder het 4x te moeten kalibreren. En je mocht het bord niet verschuiven, want anders hing de beamer niet goed en werkte het al helemaal niet. En ohja, Windows XP was nog niet zo ver dat hij alles aan kon, dus eigenlijk kon je er alleen maar mee schrijven (en hij kon naar je wijzen met de pen als je stout was). Al met al: dra. ma. Toen kwam de klopjacht op het krijtbord want het bestuur had massaal digiborden besteld en die werden super snel geïnstalleerd; tot het grote verdriet van enkele oudere leraren en enkele leerlingen: het krijtbord hoorde er toch wel een beetje bij.

Dit was een beter succes dan het eerste bord wat er ooit was. We verschoven van Windows XP naar Windows 7 en afgezien van het bord wat door de kwaliteit van de muur wel eens scheef ging hangen of leraren die er met de whiteboardmarker op schreven was het een succes. Toch was mijn mening (toen ik die mocht hebben) de laatste 3 jaar: wat een rotzooi. Het leek veel beter dan dat het was. De software was 3x niks, je moest het om de haverklap kalibreren en je kon niet eens je informatie delen met leerlingen. En er was een beamer, wat betekende dat er op de rug van de leraar altijd wel iets stond. Toen ik zelf begon bijles te geven maakte ik maar de overstap naar OneNote. Hierdoor konden mijn leerlingen de aantekeningen en opgaven thuis nalezen.

Terug naar gisteravond. Microsoft heeft mijn haat voor digiborden eindelijk weggenomen met de Microsoft Surface Hub (en daarmee bedoel ik niet de app): een 84″ scherm die draait op Windows 10 en waarom je met een pen kan schrijven. In hun presentatie hadden ze het steeds over vergaderingen, maar in mijn hoofd veranderde het digibord van hel naar hemel. Omdat het camera’s en sensoren heeft, kan je het van afstand met de hand bedienen: het geven van een PowerPoint presentatie (of PowerPoint les) is eindelijk modern geworden. Daarnaast is het whiteboard gedeelte te gebruiken zonder dat je een programma moet opstarten. Als je de pen pakt, opent OneNote Whiteboard meteen. I-de-aal. Hallo onderwijs 3.0 (of “10”).

Ook heeft het een ingebouwde webcam. Oké, ouders (en mama) die dit lezen: privacy! Maar laat dat maar voor GroenLinks en laten wij nu vooruit denken. Een leerling in vwo 6 is afwezig omdat hij/zij ziek is, en ik als leraar ga vandaag toch echt Shakespeare’s Hamlet behandelen en daar moet hij wel bij zijn. Geen paniek: we starten een Skype gesprek. De leerling kan dan thuis meekijken wat ik op het bord schrijf en kan gewoon meedoen met de les. Zijn we ook van het excuus: “maar ik was ziek” af.

Het scherm wordt geleverd met touch-friendly versies van Office (Word, PowerPoint, Excel) en dus een goede versie van OneNote. Omdat Microsoft ook de OneNote versie heeft voor studenten en docenten (die dus met elkaar in verbinding staan), kunnen leerlingen meekijken via het bord, en eventueel via hun eigen tablet of laptop. Daardoor is het ook geschikt voor het hoger onderwijs. Ik kan nog wel een tijdje doorgaan, maar dan wordt dit essay wel heel lang.

Ten slotte: hologrammen. Microsoft heeft ‘vriend en vijand’ (nu jij weer, Apple) verrast met hun HoloLens: een bril die je digitale wereld om jou heen projecteert middels hologrammen. Ideaal voor het MBO en hoger onderwijs (misschien niet voor English Language and Culture, maar ok.) om meer uit het onderwijs te halen. Bekijk de video op de website en wees astonished.

Dus, zij die van het onderwijs houden: Microsoft heeft er zelf niks over gezegd, maar ik denk dat hun Surface Hub en Windows 10 het onderwijs eindelijk zal verbeteren en de stap tussen de technologie en het onderwijs kleiner zal maken. Word ik ooit rector (of directeur-bestuurder [aka koning]) op een school dan zeg ik: weg met de SMARTboards en iPads en op naar de Surface Hubs, Windows 10 (dan wel misschien een ander nummer) en Surface tablets. Cause boy, they got something going on.

win10-surface-hub-960

Tijd voor een nieuw Christendom. Tijd voor een nieuwe kerk.

De hele wereld is aan het nadenken over geloof en godsdienst. De gebeurtenissen in Parijs hebben verschillende reacties losgelaten omtrent de Islam en gelukkig zijn er Moslims die duidelijk beginnen te maken dat zij niet zo zijn. Zelfs Geert Wilders onderstreept dat ook Moslims zich veilig moeten voelen in hun moskeeën.

Alles zet ook mij als Christen aan het denken, zeker na het bestuderen van teksten en verhalen over heiligen voor een vak over Zaligheid en Zonde in Middeleeuws Engeland. Met deze verhalen in het achterhoofd en de recente ontwikkelingen in de wereld is het tijd dat er een nieuwe versie van het Christendom en de Christelijke kerk wordt uitgebracht: Christendom 10 (deze wordt zó goed, dat Christendom 9 niet nodig is).

Alle gekheid daar gelaten: waar gaat het om? De kerk is gaan draaien om heel veel dingen die vrij weinig met Jezus te maken hebben: geld, geaardheid, macht, welke programma’s je mag kijken, meningen omtrent Israël en ga zo maar door. We moeten ons afvragen in hoeverre dit te maken heeft met Jezus’ boodschap en of het niet eens tijd is om dat allemaal opzij te schuiven en te focussen op dat wat echt belangrijk is.

Daarom doe ik een voorstel voor een nieuwe kerk en een nieuw Christendom. Een kerk waarin we niet gaan preken en praten over de hel en wie daar allemaal wel niet in komen. Een kerk waarin we niet gaan discussiëren over cliché onderwerpen zoals geaardheid en verschillende godsdiensten, maar een  kerk waarin de genade en liefde van Jezus als grondslag moet dienen. De kerk moet als voorbeeld dienen en de boodschap van genade verkondigen zodat ook zij die nergens in geloven of zij die ‘geloven dat er iets is’ hun medemens gaan behandelen alsof zij één van hen is.

Natuurlijk: onderwijs speelt een belangrijk rol in de kerk en er zullen altijd vragen zijn die mensen hebben. Deze vragen kunnen beantwoord worden aan de hand van de Bijbel. Maar het doel van de kerk is niet oordelen of veroordelen, maar mensen bewust maken dat we allemaal fouten maken. Iemand die niet gelooft dat er een god is zal dan iets hebben om over na te denken vanuit een niet-christelijk perspectief. Iemand die wel gelooft zal dan, hopelijk, gaan nadenken over het begrip genade en zal Jezus’ boodschap uitstralen in zijn/haar dagelijks leven.

Moeten we dan geen standpunt aannemen aangaande de cliché onderwerpen? Nee en ja. De Bijbel zegt wel degelijk: ‘wat heeft licht met donker te maken?” en we moeten wel kijken naar bepaalde onderwerpen die niet passen in het leven van een Christen. Maar we hoeven niet te veroordelen, want: ” Let he who is without sin cast the first stone” en wij zijn geen van allen “without sin”.

We moeten een kerk zijn waarin iedereen welkom is, ongeacht wie je bent. Waarin we duidelijk maken dat Jezus van iedereen houdt en je elke keer opnieuw vergeeft. Waarin we het voorbeeld zetten voor de gehele wereld om een leven te leiden in vrede en genade; ook voor wie niet geloven. Ook voor wie een uitweg en houvast zoekt.

Er zijn nog heel veel onderwerpen die bij het oprichten van de ‘nieuwe kerk’ moeten worden besproken. Maar de moeilijkste vraag op dit moment is wel: wat wordt de naam?

Ik hoop je graag een keer te zien in deze nieuwe kerk. Als ik weet wanneer we dienst hebben. En waar…Hauptstrasse_Nummer_10

Een onbekend woord

Laatst kwamen er twee mensen aan de deur. Ik weet niet meer precies wat ze wilden, maar ze hadden nogal wat spullen bij zich. Eenmaal binnen gingen ze zitten en zeiden ze dat ze wat voor iedereen hadden meegenomen. Ik snapte het niet echt, maar het zal wel wat goeds zijn. Ze werden wat drinken aangeboden. De ene meneer hoefde niks, de andere wilde wel wat. Ik moest appelsap pakken; zo gezegd, zo gedaan.

Na wat taferelen lieten ze zien wat ze hadden meegenomen. Het waren een paar dozen, in verschillende formaten. Elke doos had er iets omheen. Ik herkende het, ik had het eerder gezien op de televisie. Ik kreeg een doos en mocht ‘m openmaken. Bijna iedereen kreeg een doos. Eén van de twee deelde wat uit. Ik proefde het maar hoefde niet meer: ik lustte het niet.

De volgende dag gingen we ergens heen. Ik weet nog dat het koud was. Ik zag heel veel mensen staan en ze keken allemaal een bepaalde kant op. Ik hoorde wat andere mensen heel hard roepen. Ik bleef er maar naar kijken, want ik kon niet horen wat ze zeiden, maar ze leken erg boos. Er waren verschillende mensen daar. Eentje had heel kort haar. De andere leek op iemand die ik eerder had gezien. Misschien waren ze familie van elkaar?

Een van de mensen stapte uit de groep en deelde briefjes uit. Het is een foto van de twee mensen die gister ook bij ons waren! Maar nu had één van de twee kettingen om. De andere meneer sloeg hem. Het lijkt of de andere daardoor moet vallen.

Ik keek naar het plaatje en de mensen op de boot. Ik snapte het niet, waarom zou hij dat doen? Hij had toch niks verkeerd gedaan? Ik vroeg het iemand. “Nee” antwoordde de mevrouw. “Hij zou dat echt niet doen, maak je maar geen zorgen.” Ik keek nog een keer naar de boze mensen van de briefjes. Ik snap het niet.

Toen we weer thuis waren vroeg ik wat er op het briefje stond. “Sommige mensen denken dat Zwarte Piet een slaaf is.” zei moeder. “Maar dat is natuurlijk helemaal niet zo. Zwarte Piet helpt Sinterklaas omdat hij oud is.”

Ik ga naar boven om op bed te gaan. “Waarom delen ze deze briefjes dan uit?” vraag ik. “Omdat die mensen vinden dat er een verschil is tussen Sinterklaas die een blanke huiskleur heeft, zoals juf op school, en Zwarte Piet die een donkere huidskleur heeft, zoals jij en ik.” Ik voel mama haar koude vinger op mijn arm.

Voordat ik in slaap val hoor ik mama en papa praten. “Mensen maken dingen zelf racistisch, zonder dat ze het weten. Er is volgens mij helemaal niks racistisch aan”. Ik ken dat woord niet, wat zou het betekenen?

Het grote Christen probleem

Nederlandse kerken lopen leeg. Dit gaat gepaard met grote campagnes, want de kerken moeten wee vol. Bekende boeken als ‘Hell empty, heaven full” worden in grote getalen verkocht en evangelisatieprojecten worden opgezet. Maar vraagt niemand zich af waarom dat eigenlijk zo is?

Misschien is het wat 1999 om te zeggen dat kerk saai is geworden. In mijn ogen zijn het grotere problemen dan de saaiheid van een kerkdienst op zondag. Een voorbeeld is de Israël-Gaza situatie. Christenen zijn (volgens sommigen) verplicht Israël te steunen, want Israël = Christendom = Jodendom = God. Als semi-wiskundige snap ik de vergelijkingen, maar ben ik het er niet mee eens. Natuurlijk hebben de Bijbelse verhalen grote invloed op hoe Christenen naar Israël kijken, maar moeten we zelf niet de situatie bestuderen en een conclusie trekken? In het journaal van gisteren werd besproken hoe in de gemeenteraad van Urk besloten is om geen kinderpostzegels te verkopen/kopen, aangezien de stichting geld geeft aan een stichting die geld geeft aan iets met Palestina. Een goed iets: er is één besluit genomen en iedereen weet ervan. We hoeven er dus niet allemaal onze mening over te geven.

Maar dan komt de Moderne Christen. Elkaar vertellen dat we “geen kinderpostzegels moeten kopen want ze geven geld aan Palestina”. Dat legt meteen de vinger op het grote Christen probleem. Als de gemeente Urk een besluit neemt wat in mijn ogen goed onderbouwd wordt, is het niet aan de rest van Nederland om het besluit uit context te halen en rond te bellen. Dit gebeurt veel vaker. “Die en die doet dit en dat, dus niet meer kopen!”. Ook het roepen dat je een sekte verbreekt omdat je 2 beelden ziet staan, terwijl het een restaurant is, is hier een mooi voorbeeld van.

Het Christendom is gaan draaien om dingen die er niet mee te maken hebben. Wat wel en niet te kopen omdat wat voor reden dan ook. Elkaar veroordelen omdat je één ding doet wat niet hoort. Ruziën omdat iemand anders een klein beetje anders gelooft. In mijn ogen draait het daar allemaal niet om, maar om de veel belangrijkere genade. Als we als Christenen daarop kunnen focussen, en mensen laten zien dat wij ook niet perfect zijn, kunnen de kerken misschien wel wat voller worden. En laten we eerlijk zijn, blindelings volgen zonder dat we het zelf lezen in de Bijbel doen we sinds 1517 al niet meer…